Mini conferentie Deltaproof bouwen op slappe bodem

6 Februari 2026

De mini-conferentie was een vervolg op de sessie Drijvend Bouwen tijdens het Deltacongres en stond in het teken van toekomstbestendig, veilig en betaalbaar bouwen op slappe en zettingsgevoelige bodems. Centraal stond de vraag hoe te komen tot een gezamenlijke innovatie-agenda en een bestuurlijke alliantie. Uitgangspunt is dat water en bodem daadwerkelijk sturend moeten zijn in ontwerp, uitvoering én financiering. Dit vraagt om een omslag van korte termijn maakbaarheid naar lange termijn toekomstbestendigheid.

MCBD 3
Urgentie en bestuurlijke rol

In de bestuurlijke aftrap benadrukten Benadette Schomaker (wethouder gemeente Oudewater), Els Otterman (hoogheemraad bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden) en Has Bakker (gedeputeerde bij de provincie Utrecht) de groeiende urgentie door klimaatverandering, extreme neerslag en bodemdaling. Technische oplossingen alleen zijn onvoldoende. De huidige aanpak schiet tekort door gebrek aan structurele financiering, onvoldoende samenwerking tussen publieke en private partijen en beperkte borging en opschaling van kennis. De bestuurders riepen op om de krachten te bundelen, samen de schouders te zetten onder kennisontwikkeling en deze kennis te borgen en op te schalen. 

MCBD 6
Samenwerking, lobby en kennisontwikkeling

Relus Breeuwsma (wethouder Alphen aan den Rijn) en Judith Sargentini (wethouder Gouda), beide actief voor het Platform Slappe Bodem (PSB), onderstreepten de noodzaak van een sterkere gezamenlijke lobby en een gedeelde kennisbasis. Het PSB richt zich op bewustwording, agendering en lobby richting het Rijk, met als kernboodschap dat opschaling alleen mogelijk is met adequate financiering en samenwerking.

Het Kenniscentrum Bodemdaling en Fundering (KBF) focust op het toegankelijk maken en ontwikkelen van kennis aldus Robert van Cleef. De opgave is groot: tot 2045 zijn 1,7 miljoen woningen gepland, waarvan circa twee derde op slappe bodem. Vroegtijdige investeringen blijken financieel verstandig; preventieve maatregelen zijn over de levenscyclus aanzienlijk goedkoper dan herstel achteraf. PSB en KBF vullen elkaar aan: lobby en beleidsbeïnvloeding enerzijds, inhoudelijke kennisbasis anderzijds.

MCBD 5
Perspectief van marktpartijen

Martijn van Gelderen (BPD), Frans van Dijk (Van Dijk Maasland) en Gijs van den Boomen (KuiperCompagnons) benadrukten het belang van maatwerk per locatie en duidelijke kaders vanuit de overheid. Discussies over grondexploitatie, beheer en risicoverdeling zijn cruciaal. Innovatie vraagt ruimte om te experimenteren en te leren, vooral in grote projecten waar pilots opgeschaald kunnen worden. Ook werd gewezen op het belang van selectieprocedures die voldoende expertise op het gebied van bouwen op slappe bodem waarborgen. Er werd ook aandacht gevraagd voor het creatieve proces om samen met bewoners vorm te kunnen geven aan die nieuwe manier van toekomstbestendige wijken maken, met water en bodem sturend als basis.

MCBD 7
Reflectie: systeemdenken en mentaliteitsverandering

In de reflectie van Deltacommissaris Co Verdaas werd de opgave geplaatst in het bredere perspectief van zeespiegelstijging en de kwetsbaarheid van Nederland als ‘badkuip’. Acceptatie van systeemgrenzen is noodzakelijk: het watersysteem is niet volledig beheersbaar. Dit vraagt om systeemdenken, nieuwe publiek-private allianties en maatschappelijke businesscases op gebiedsniveau. De kernboodschap: gedraag je als gast in het landschap.


  • Dilemma’s en discussie

    Belangrijke spanningsvelden zijn:

    • klimaatbestendigheid versus betaalbaarheid en tempo;
    • locatiekeuzes: door wie te maken;
    • wie de onrendabele top van deltaproof bouwen betaalt;
    • de noodzaak van experimenteerruimte om te leren hoe het anders kan.

    Een breed gedeeld inzicht was dat blijven doen wat we doen uiteindelijk duurder is dan tijdig investeren in anders ontwerpen en anders bekostigen. 

  • Concrete opbrengsten

    De conferentie leidde tot drie hoofdresultaten:

    1. Gezamenlijke koers: bouwen op slappe bodem kan alleen verantwoord als bodem en water het vertrekpunt vormen. Niet overal bouwen; en waar het kan kiezen voor adaptieve, innovatieve oplossingen.
    2. Afspraken over samenwerking en kennisdeling: partijen bundelen structureel hun expertise en werken aan een gezamenlijke innovatieagenda voor bodemdalingbestendige nieuwbouw. Met oog voor techniek, financiering én bestuurlijke samenwerking.
    3. Start van bredere alliantievorming: regionale en landelijke samenwerking wordt verder uitgewerkt in een concrete innovatieagenda, vervolg verleggen en locatiebezoeken.